21 mei 2007

Hout geeft veel warmte

Het afgelopen lang weekend zijn Ilja en ik samen met mijn ouders naar Avernes geweest, een afgelegen schilderachtig dorpje in de heuvels van Normandië waar mijn familie een buitenhuisje heeft. Avernes-sous-Exmes ligt noch aan de zee, noch in de bergen en het aantal toeristische attracties in een straal van twintig kilometer kan je op één hand tellen. Elke keer vraag ik mij af wat ik er zal gaan doen en achteraf kan ik meestal ook niet benoemen wat ik daar nu eigenlijk uitgespookt heb, maar toch heb ik mij daar nog nooit verveeld. Het komt erop neer dat je 's morgens opstaat, eet, doucht, wat leest of wandelt, enkele kilometers rijdt om eten, eten klaarmaakt, eet en slaapt. Het goei leven, quoi.

Af en toe moet er ook gewerkt worden: binnenmuren schilderen, grote kuis, onkruid wieden tussen de rozen, gras maaien op de oprit. Dit weekend was het plan: we leggen die dode boom in de wei eens om. Dan kan hij al niet meer per ongeluk op een paard of een koe vallen en dan hebben we ineens hout voor de kachel.

Mijn vader had het ding eens goed bekeken, de nodige berekeningen gemaakt en uitgekiend dat de boom ver genoeg van de afsluiting stond om hem in die richting, dus weg van de kikkerpoel, te laten neervallen. Papa zou de kettingzaag hanteren, Ilja en ik moesten enkel de paarden op een afstand houden.

De boom bleek nog een koppige klant, maar uiteindelijk ging hij wel tegen de vlakte, perfect hoe het uitgerekend was. En dan begon het werk pas: in grote brokken zagen, in de kruiwagen laden, naar de houtstapel vervoeren, in hanteerbare stronkjes klieven, stapelen om te laten drogen.

Een groot deel van de boomstam ligt nog altijd in de wei, maar ik was kapot. Het zweet stoomde van mijn gezicht. Of zoals mijn tante Anne het verwoordde: "Ja, van hout hebt ge veel warmte."

Blog Widget by LinkWithin